Als alle besluiten bij de ondernemer blijven terugkomen

De ondernemer wil dat het team meer initiatief neemt. Het team wil weten wat het zelfstandig mag beslissen. Toch eindigt een belangrijke klantvraag weer op het bureau van de eigenaar.

Je kunt dit beschrijven als moeite met loslaten of een gebrek aan eigenaarschap. Maar daarmee is nog niet duidelijk welke beslissing bij wie hoort, welke grenzen gelden en wat er gebeurt als iemand een andere keuze maakt dan de eigenaar.

Onderzoek eerst hoe het werk is ingericht. Pas daarna kun je bepalen welke andere factoren mogelijk meespelen.

Verantwoordelijkheid is nog geen beslisruimte

Een medewerker kan verantwoordelijk zijn voor de groei van een product, terwijl een leidinggevende alle keuzes over prijs, budget en inzet bepaalt. Het resultaat is dan toegewezen, maar niet de invloed die nodig is om dat resultaat te bereiken.

Het omgekeerde kan ook. Iemand mag zelfstandig beslissen, maar weet niet welke uitkomst belangrijk is of wanneer afstemming nodig is. Dan is wachten soms een begrijpelijke reactie op onduidelijkheid.

Maak daarom onderscheid tussen wat iemand moet bereiken, waarover iemand mag besluiten en welke informatie met anderen wordt gedeeld.

Kijk naar een recent besluit

Kies één voorbeeld waarin een beslissing terugkwam bij de eigenaar. Wat was de vraag? Welke afspraak gold? Welke informatie ontbrak? Wie vroeg om goedkeuring en waarom?

Vraag ook wat er bij eerdere besluiten gebeurde. Werden zelfstandige keuzes gerespecteerd? Werden ze later opnieuw gedaan? Was het duidelijk welke afwijkingen acceptabel waren?

Met zulke vragen onderzoek je de samenwerking. Je hoeft daarbij niet vast te stellen dat de ondernemer controlerend is of het team afwachtend. Die labels kunnen verschillende situaties te snel onder dezelfde noemer brengen.

Wat heeft de huidige werkwijze ooit mogelijk gemaakt?

In een kleine organisatie kan directe betrokkenheid van de eigenaar veel samenbrengen: kennis van de klant, financiële afwegingen en uitvoeringsbesluiten. Bij groei kan dezelfde werkwijze minder goed passen bij het aantal mensen en aanvragen.

Het is zinvol om te bespreken welke functie die betrokkenheid heeft. Wordt kwaliteit bewaakt? Worden commerciële risico's afgewogen? Is de eigenaar de enige met bepaalde klantkennis?

Wanneer je dat concreet maakt, kun je onderzoeken hoe die functie anders kan worden ingevuld. Misschien vraagt het om informatie delen, betere kaders of een ander moment van overleg. ‘Meer loslaten’ is dan niet de hele opdracht.

Wat kun je met een organisatieopstelling onderzoeken?

Bij een organisatieopstelling kun je bijvoorbeeld de rol van eigenaar, leidinggevende, team en gezamenlijke opdracht een plek geven. Dat kan helpen om te bespreken hoe betrokkenen hun verantwoordelijkheid en onderlinge verhouding ervaren.

Een mogelijke vraag is: welke verantwoordelijkheid ligt op dit moment nergens duidelijk? Een andere is: krijgt het team een eigen opdracht of voert het vooral losse besluiten van de eigenaar uit?

Wat in de sessie naar voren komt, is aanleiding voor verder onderzoek. Het is geen bewijs van een verborgen persoonlijk motief. Ook is het niet nodig om automatisch iemands familiegeschiedenis te betrekken bij een zakelijke vraag. Lees meer over de onderstroom concreet onderzoeken.

Maak één besluitcategorie zelfstandig

Een mogelijke praktijktest is om één soort beslissing helder bij het team te leggen. Kies een categorie die relevant is en waarvan de grenzen goed te beschrijven zijn. Leg vast welke uitkomst telt, welke middelen beschikbaar zijn en bij welke uitzondering overleg nodig is.

Spreek ook af hoe de eigenaar geïnformeerd blijft. Achteraf informeren is iets anders dan vooraf toestemming vragen. Die twee worden gemakkelijk door elkaar gebruikt als niemand het verschil expliciet maakt.

Bepaal hoe je met een beslissing omgaat die anders uitpakt dan gehoopt. Een zelfstandige rol heeft weinig betekenis als ieder verschil van inzicht leidt tot het opnieuw overnemen van de taak.

Kijk daarna wat er werkelijk veranderde

Bespreek na een afgesproken periode enkele echte besluiten. Werden ze sneller genomen? Was de grens duidelijk? Kon het team beschikken over de benodigde informatie? Bleef de eigenaar betrokken op de afgesproken manier?

Ook een tegenvallend resultaat kan informatie opleveren. Misschien ontbrak kennis, was het kader te ruim of was de opdracht onvoldoende afgebakend. Pas de afspraak daarop aan, in plaats van direct te concluderen dat delegeren niet werkt.

Eigenaarschap vraagt om afspraken aan beide kanten

Een team kan verantwoordelijkheid nemen wanneer duidelijk is welke opdracht en ruimte het heeft. Een ondernemer kan afstand nemen van afzonderlijke besluiten wanneer relevante informatie beschikbaar blijft en de grenzen helder zijn.

De eerste stap hoeft geen grote verandering te zijn. Eén besluitcategorie goed regelen geeft een concrete basis om verder te leren. In het artikel over een organisatieopstelling voorbereiden lees je hoe je van dit soort situaties een onderzoekbare vraag maakt.

Bespreek je vraag over verantwoordelijkheid

Geschreven door upMention. Leestijd ongeveer 4 minuten.

Op deze pagina